Blog Ester: bontmuts, bellen en sneeuwpret

Het is gelukt! Afgelopen maandag kon eindelijk de antieke slee, uit 1930/40 uit het koetshuis. De slee is van onze vriendin Fenny die hem samen met haar man in 1996 gekocht heeft op een veiling. De slee verkeerde in erg slechte staat maar samen met haar man Frans heeft Fenny de slee helemaal gerestaureerd. En wat hebben ze dat goed gedaan. Het is werkelijk een juweel van een slee geworden en het kriebelde natuurlijk aan alle kanten om er een keer mee te gaan sleeën. Maar ja met die winters van tegenwoordig in Nederland is de kans niet groot dat dat kan, maar nu kon het!

Uitkijken naar sneeuwvlokken

Vorige week hoorden we de weersverwachting en dachten beiden precies hetzelfde, dit was het moment nu moest het gaan lukken. Zaterdagnacht werd ik om 4.00 uur wakker en het eerste waar ik aan dacht was de slee en of er al sneeuw zou liggen. Voorzichtig kroop ik uit bed zodat Henk, mijn vriend niet wakker zou worden. Die zou wel zeggen ben je helemaal gek geworden, als er sneeuw ligt dan ligt het er morgen ook nog wel met deze vrieskou. Op mijn tenen sloop ik naar het raam en schoof het gordijn opzij om de mooie witte wereld te zien… Oh nee, niks van dat alles, nog geen vlok!! Snel schoof ik terug in bed en kon het niet laten om nog even op buienradar te kijken, volgens de radar moest het al sneeuwen… Ik denk dat ik vervolgens ieder uur van bed ben geweest om te kijken, maar helaas. Tot een uur of 11 ’s morgens ik ineens de eerste vlokken zag vallen. Eindelijk! Alleen het leek wel poedersuiker en het waaide zo hard dat ik de vlokken eerder horizontaal zag gaan als verticaal, als dit maar goed komt dacht ik.

Kalkoenen in winterbeslag

Avonds rond een uur of negen appte ik Fenny wat zij van de hoeveelheid sneeuw vond. Ze dacht dat het door kon gaan. ‘Aan 10 cm hebben we genoeg.’ Vervolgens stuurde ze een foto van een pan zelfgemaakte snert, chocolademelk en een borrel voor na de rit. Toen wist ik het zeker! It geat on! De volgende dag waren Hessel en ik op tijd bij Fenny want voordat je eenmaal op pad bent met de slee moet er veel gebeuren. Geert, ook een (paarden)vriend van ons was er inmiddels ook. Eerst de slee uit het koetshuis halen, en vervolgens moest Gerda de Friese Stermerrie, een Anton x Reyert, die voor de slee mocht lopen gepoetst en opgetuigd worden. Maar het allerbelangrijkste waren de kalkoenen die in haar ijzers gedraaid moesten worden. Het is natuurlijk belangrijk dat een paard wel grip heeft, vandaar dat Gerda voor de zekerheid in de winter op ijzers blijft staan, maar dan wel op winterbeslag.
Dit houdt in dat in haar ijzers twee gaten zitten waar de kalkoenen ingedraaid kunnen worden. Twee in ieder ijzer is in dit geval voldoende. Mocht je met het paard op ijs gaan rijden dan moeten er in ieder ijzer 4 kalkoenen geplaatst worden voor extra grip. Om de gaten in het ijzer open te houden als er geen kalkoenen inzitten is het handig om er watjes met vaseline in te duwen met een haaknaald. Bij gebruik hoef je dan alleen met een haaknaald de watjes uit het gat te trekken en zijn de gaten mooi schoon zodat je de kalkoenen er makkelijk indraait. Toen dat eenmaal klaar was begonnen we Gerda op te tuigen met het prachtige bellentuig van Fenny en konden we haar inspannen… ‘Zo, we kunnen’, riep ik enthousiast. ‘Nee’, zei Fenny. ‘Ik moet me nog omkleden.’ Snel schoot Fenny door de achterdeur de schuur in.

Rode pluimen, bontmuts en bellen

Binnen een paar minuten schoot de deur weer open en daar stond Fenny, compleet in wintertenue inclusief bontmuts, prachtig het plaatje was compleet. Fenny stapte op haar slee en nam trots de leidsels in de handen en daar gingen we. Wat een prachtig gezicht, de gitzwarte Friese Stermerrie met het prachtige bellentuig en rode pluimen. De slee gleed erachteraan en Fenny stuurde het geheel trots rond alsof ze dagelijks met deze slee op pad ging. Wat een prachtig plaatje, en dan het geluid van de bellen. Gerda danste in een mooi drafje voor de slee waardoor er bijna in hetzelfde ritme muziek uit de bellen kwam. Wat een uniek moment, om nooit meer te vergeten. Wat hebben we genoten. Nadat we Gerda hadden uitgespannen en de kalkoenen er weer uitgedraaid hadden en de gaten vervolgens weer met watten en vaseline opgevuld waren, was het tijd voor een heerlijk kruidenbittertje en Glühwein om weer een beetje op te warmen. Maar ondanks dat het roetkoud was had ik het niet eens heel erg koud, het zal de opwinding zijn geweest van het sleeën. De middag werd afgesloten met een bord zelfgemaakte snert met roggebrood en spek van Fenny.

Spelen in de sneeuw

Eenmaal thuis genoot ik nog na en vroeg me af of ik dit over een paar jaar ook met Nine zou doen. Nine, mijn veulen die nu negen maanden is. Nou ja, zo ver is het nog lang niet, eerst nog lekker van haar genieten. De volgende dag ben ik direct naar de veulens gegaan om te kijken hoe het met ze ging in de sneeuw. Het was prachtig om te zien hoe ze aan het spelen waren in de sneeuw. De lucht was strakblauw en dan die drie wollige zwarte veulens in de spierwitte sneeuw: wat een mooi gezicht. Nine was nog het meest gek op de sneeuw, die bleef er maar in rollen. En ondanks dat ze best in de sneeuw happen hadden ze blijkbaar toch dorst gekregen en liepen ze met zijn drieën naar de paddock waar de tonnen met water staan. Ik dacht nog hoe zal Rene, de pensionhoudster dat doen met deze vorst. Ik zag mezelf in gedachten alweer thuis op stal lopen met al die emmers water… Maar wat zag ik daar, er hing een drinkbakje. Terwijl ik het bakje stond te bekijken kwam Rene eraan gelopen. ‘Mooi he;, zei ze. ‘Een verwarmd drinkbakje. Zo hebben ze altijd vers water en het bevriest niet!’Wat hebben ze het hier goed dacht ik terwijl ik tevreden weer naar huis reed. Wat was het weer een mooie week!