Blog Ester: winterwerk en (straks) sneeuwpret……

Stond ik vorige week nog op één been in een te grote laars vastgezogen in de modder, zondagmorgen was de wereld ineens veranderd in een soort winterwonderlandschap. Prachtig zo mooi, ijskoud maar wel met een strak blauwe lucht en de zon maakte het voor het gevoel toch een stuk aangenamer.

De keerzijde van koud weer

Maar natuurlijk wist ik ook direct dat deze kou een keerzijde heeft. De waterleidingen, dacht ik meteen. Normaal regelt Hessel dat soort dingen maar die was er even een paar dagen tussen uit met zijn vrouw. En altijd als Hessel weg is dan gebeurt er iets. Of de verlichting valt uit of we hebben een paard met koliek of als klap op de vuurpijl een merrie die midden op de dag begon met veulenen in het land zoals onze Stermerrie Nanja. Maar altijd redden we ons, dus nu ook. Eerst maar eens een kop thee om een beetje op te warmen. En ja hoor, geen water….. Snel dacht ik aan Hessel wat hij altijd deed als de leidingen bevroren waren. ‘Er is altijd één kraan Es, die het doet nadat je hem ontdooit hebt met warm water’, zegt Hessel dan. Achter in de stal in het gat in de grond zit het kraantje. Gelukkig had ik de dag ervoor de waterbakken buiten nog gevuld want ik zag de bui natuurlijk wel een beetje aankomen. Nadat ik de waterkoker gevuld had en de damp er inmiddels afkwam begon ik het kraantje te ontdooien. En ja hoor na een paar gevulde waterkokers lukte het! We hadden weer water!

Maanlandschap

Ondertussen stonden de paarden mij nieuwsgierig aan te kijken wat ik allemaal aan het doen was. De eerste werden ook wat ongeduldig omdat ze ‘s morgens altijd naar buiten gaan. Maar het land waar ze normaal in staan was veranderd in een soort maanlandschap, daar konden ze vandaag niet in. Het andere stuk land was al niet veel beter dus dan maar met elkaar in de bak. Maar aangezien het vrijdag nog de hele dag had geregend was de bak veranderd in een soort Thialf. Dat kan zo niet zeiden Berber en ik tegen elkaar, dat ijs moet stuk voordat we straks een soort Bambi’s op het ijs hebben. Met een schep begonnen we aan de klus. Dat viel nog niet mee. zo hard was het. Maar na enige tijd gingen we het maar proberen.
En daar gingen ze: Puppy Wietse voorop en de andere zeven er achter aan. Eenmaal buiten gekomen zag je Wietse kijken en snuiven, door het witte landschap en de kou draafde hij de bak in. Gelukkig was hij na een paar rondjes zijn eerste frisheid kwijt, zo bang dat hij zou gaan glijden. De rest had gelukkig meer interesse in het hooi en ging rustig eten zodat wij verder konden gaan met het stalwerk, waaronder de waterbakken in de bak vullen. Ook dat was natuurlijk weer een hele klus omdat het enige water wat we hadden uit de schuur uit ons enige kraantje kwam. Na 20 emmers water en in mijn beleving een halve marathon verder was ook die klus klaar. En na het overige stalwerk was het tijd om naar de veulens Nine, Maike en Nynke te gaan.

Geen wit landschap bij de veulens

Wat zou het daar ook mooi zijn. Dus Henk mijn vriend en ik sprongen in de auto. Maar hoe dichter we bij de veulens kwamen, hoe minder wit het landschap was. Erger nog, eenmaal aangekomen stonden we daar gewoon weer in de drek de veulens te knuffelen. Wat een verschil in dit kleine landje. Eenmaal terug op stal was het daar nog steeds prachtig en was het hoog tijd voor een kop warme chocolademelk en ondertussen genieten van de paarden. Maar wat hoorde ik? Dat was Wiebe, ik had hem al eerder op de grond zien likken aan het ijs, maar wat hoorde ik nou? Hele happen ijs stond hij te eten, alleen het geluid al haha.
De volgende dag moest ik de stal alleen doen aangezien Hessel nog aan het vakantie vieren was en Berber weer moest werken. Al zeg ik het zelf: ik werd steeds handiger met het ontdooien van de kraan en bedacht vernuftige ideeën om het water van achter uit de schuur naar buiten te brengen. Eigenlijk vond ik het prachtig dit weer, het was koud maar ach, alles beter dan die regen van de laatste tijd. Wel hield ik natuurlijk goed de weersverwachting in de gaten aangezien het ook ijzelde in het midden van Nederland. En wat zag ik: een prachtige koude weerpluim met kans op sneeuw komend weekend! Dan is Hessel terug en zou het er dan toch van komen dat de arrenslee uit het koetshuis komt..

Arrenslee uit het koetshuis

Snel maakte ik een sopje om hem schoon te maken. Terwijl ik druk bezig was stond Fenny ineens achter me, onze paardenvriendin. Fenny heb je het gezien? Er komt mogelijk sneeuw, veel sneeuw. Fenny glunderde van oor tot oor en in haar ogen twinkelde het enthousiasme. Jaaa…. zei ze ik ben er helemaal klaar voor. Zal mijn antieke slee dan eindelijk na 20 jaar uit het koetshuis komen? Ik denk het wel, zei ik, en als het zover is dan kom ik maandag bij je om samen met de slee op pad te gaan!

Fenny en haar man hebben de antieke slee in 1996 in slechte staat gekocht en helemaal gerestaureerd. Frans heeft hem helemaal uit elkaar gehaald en het ijzer laten zandstralen. Samen hebben ze hem opnieuw bekleed en Frans heeft hem geverfd. Fenny heeft de afwerking rond de spatborden en armleuningen/zitje gedaan en zo hebben ze er echt een juweel van gemaakt. Dat is goed zei Fenny,en na een kop koffie vertrok ze weer. Eenmaal thuis is ze direct begonnen met de kandelaren van de slee schoon te maken en er nieuwe kaarsen in te plaatsen. Het was nog even een gedoe om de oude stompjes eruit te krijgen en er moest aluminium folie aan te pas komen want de moderne kaarsen zijn dunner en blijven niet op de drukveer zitten, maar het is gelukt de lantaarns branden, we zijn klaar voor de rit!

Nu maar hopen dat er ook daadwerkelijk zoveel sneeuw komt. op de achtergrond hoorde ik Wiebe nog een hap ijs nemen en ik merkte dat ik een glimlach op mijn gezicht kreeg. Ondanks de kou, het bevriezen van de leidingen, Hessel die er niet was, het niks kunnen doen met de paarden, was het toch een prachtige winterweek op stal. Het zijn de kleine dingen waar ik blij van word…