Net wel

Tussen net wel en net niet kan een wereld van verschil zitten, maar het kan net zo goed een verwaarloosbaar klein contrast zijn. Dit is eigenlijk de kern van de discussie rond Boet 516.
Eerst even de feiten: de goedkeuring van Boet 516 valt binnen de reglementen van het stamboek. Nee, het bestuur had geen reglementaire aanknopingspunten om het reglementair bindende advies van de jury naast zich neer te leggen. Door de endoscopie twee keer te laten plaatsvinden heeft de jury zorgvuldig gewerkt. De jury heeft zich uitvoerig laten informeren over cornage en is dus niet over een nacht ijs gegaan. En nee, cornage heeft in principe niets te maken met dierenwelzijn. Nee, eigenaren van eerder afgewezen hengsten met cornage zijn niet benadeeld.
En dan de meningen. De vraag of de goedkeuring foktechnisch gezien verantwoord is, ben ik geneigd positief te beantwoorden. De kwaliteiten van de hengst staan buiten kijf en ook al kan niemand in een glazen bol kijken, de kans dat deze hengst significant meer gevallen van cornage voort zal brengen is weliswaar aanwezig, maar lijkt me niet zo groot. Zeker niet vergeleken met hengsten die in de categorie net wel acceptabel vallen. Bovendien, we weten dat in de fokkerij de ‘bloempjes buiten het perk’ juist vaak het verschil maken.
Mag je dan de conclusie trekken dat er een juist -of beter gezegd wijs- besluit is genomen? Het antwoord hierop kan niet anders dan ontkennend zijn. Als je de deskundige van de faculteit vraagt om ernaar te kijken en deze plaatst de hengst in de categorie ‘niet acceptabel’, weet je van tevoren dat een positief besluit tot veel discussie binnen de vereniging gaat leiden. Ook al nuanceert de faculteit haar diagnose met de woordjes net niet. Ook al is de veterinair zorgvuldig vastgestelde grens tussen net wel en net niet acceptabel, zeker vanuit een genetisch oogpunt, uiterst arbitrair, de diagnose is wat die is en daar moet je het mee doen. Frenk Jespers verwoordde het treffend, tijdens een discussieavondje in Oldeboorn. ‘Als we geweten hadden dat ons besluit zoveel discussie zou opleveren, hadden we het niet gedaan.’ Niet omdat hij foktechnisch gezien niet meer achter het besluit zou staan, maar omdat je binnen een vereniging bij een foktechnisch besluit soms niet-foktechnische argumenten moet laten prevaleren. Immers, de ontstane discussie komt het Friese paard en het stamboek niet ten goede.
De toekomst zal het leren. Als de emotie in deze discussie weer wat is gezakt, ligt de keuze uiteindelijk waar die nu hoort: bij de fokker. Die kan de keuze maken voor net wel of net niet.