Respons KFPS-bestuur op vragen naar aanleiding van goedkeuring Boet 516

(Foto: Istockphoto/Tom Goossens Photography)

De goedkeuring van de hengst Boet 516 heeft geleid tot vragen van de leden. In het gepubliceerde rapport wordt melding gemaakt van het feit dat bij de hengst cornage is geconstateerd en wordt tevens een toelichting gegeven over de erfelijke aspecten hiervan. Ondermeer vanuit de KFPS-ledenraad zijn hierover vragen gesteld. De respons van het KFPS-bestuur is hieronder weergegeven:

Geachte leden van de ledenraad,

In uw brief d.d. 27 december 2019 vraagt u om een verduidelijking aangaande de goedkeuring van de hengst Boet 516. In deze brief vraagt u naar de beschikbaarheid van een DNA-test voor cornage en de wijze waarop de afweging van de jury en de uiteindelijke besluitvorming heeft plaatsgevonden. Graag berichten we u als volgt.

Cornage is een aandoening waar (nog) geen DNA-test voor beschikbaar is. De fenotypische vaststelling vindt plaats middels endoscopie. Deze endoscopie wordt in de eerste week van het Centraal onderzoek (CO) uitgevoerd door de begeleidend dierenarts, die daar door het KFPS voor is aangesteld. Ten aanzien van de hengst Boet 516 gaf deze endoscopie een afwijkend beeld. De jury heeft vervolgens het besluit genomen om dit onderzoek te herhalen bij de Diergeneeskundige Faculteit in Utrecht, om eventuele twijfel over de uitslag weg te nemen. Dit onderzoek heeft op 16 september plaatsgehad. De uitkomst hiervan is, dat het beeld volgens de normering die daarvoor door het KWPN wordt gehanteerd ‘net niet acceptabel’ is, zoals ook in de eindrapportage van Boet 516 is weergegeven. Juryvoorzitter Draaijer heeft hierover op 22 september gesproken met Prof. Dr. Sloet, onder wiens leiding het onderzoek heeft plaatsgevonden. In dit gesprek is het klinische beeld toegelicht en is verder aangegeven hoe verschillende stamboeken met cornage omgaan. Feit is dat bij verschillende stamboeken in incidentele gevallen hengsten met cornage ingeschreven worden. De jury heeft zich daarnaast verdiept in de wetenschappelijke literatuur die handelt over cornage in relatie tot erfelijkheid.
De jury heeft vervolgens tijdens de eerste beoordeling van het CO op 26 september het besluit genomen om het CO van de hengst niet te beëindigen. Ondanks dat de jury uiterst terughoudend is ten aanzien van cornage (de afgelopen 15 jaar werden geen hengsten met cornage goedgekeurd), is onder meer gezien het uiterst veelbelovende verrichtingsbeeld van de hengst en het feit dat er sprake is van lichtere vorm van cornage (het niet hoorbaar zijn van de cornage heeft hierin meegespeeld) besloten de hengst te handhaven in het verrichtingsonderzoek. Hierbij is de duidelijke kanttekening geplaatst, dat de hengst een zeer goede verrichting zou moeten lopen om voor goedkeuring in aanmerking te komen. Bovendien is afgesproken, dat bij goedkeuring een aantekening gemaakt zal worden in de rapportage ten aanzien van cornage. Dit voorbehoud is tevens, kort na het besluit op 26 september, met de eigenaar gecommuniceerd. De hengst bleef zich positief ontwikkelen, hetgeen uiteindelijk heeft geresulteerd in de hoogste verrichtingscijfers van alle deelnemende hengsten in het CO 2019. De jury heeft tijdens de eindbeoordeling een positief advies afgegeven aan het KFPS-bestuur. De hengst is vervolgens ingeschreven. In de rapportage is paragraaf gewijd aan het cornage-beeld van de hengst en hierin is tevens de relatie met erfelijkheid toegelicht.

Ten aanzien van de communicatie, hecht het KFPS aan een zorgvuldige, zeer uitvoerige, gedetailleerde beschrijving van de positieve en minder gewenste eigenschappen van de goedgekeurde hengsten in de rapporten. Idealiter verschijnen deze rapporten kort na goedkeuring. In dit geval heeft het langer geduurd, waardoor de meer globale verslaggeving over de nieuw ingeschreven hengsten in Phryso eerder verscheen. Het bestuur is van mening dat dergelijke veterinaire informatie juist in het rapport thuishoort en niet in een journalistiek artikel.

Het bestuur is van mening dat de jury in deze casus, ten aanzien van het onderzoek naar cornage en de uiteindelijke besluitvorming zeer zorgvuldig te werk is gegaan. Leden dienen zich te realiseren dat voor elke hengst een afweging wordt gemaakt ten aanzien van de mate waarin de sterke punten van een hengst de minder sterke punten compenseren. Een afweging waarin de jury autonoom, maar volgens de regelgeving, opereert. Het bestuur heeft vastgesteld dat het besluit van de jury niet in strijd is met de regelgeving. Het bestuur heeft er begrip voor dat er ten aanzien van het genomen besluit ook andere inzichten zijn. Tijdens de bestuursvergadering van 12 december jl. is dit onderwerp besproken. Besloten is, dat bij de Fokkerijraad de vraag neergelegd wordt of cornage een striktere regelgeving/kadering behoeft. Daarnaast is besloten dat de rapportage van de goedgekeurde hengsten in het vervolg binnen een week na goedkeuring gepubliceerd zullen gaan worden. In het kader van communicatie zal de inhoud van deze brief via de website van het KFPS worden gepubliceerd. Verder wordt er gewerkt aan een technisch inhoudelijk artikel, waarin zowel de klinische- als de genetische aspecten van cornage belicht gaan worden. Dit artikel zal binnenkort gepubliceerd gaan worden.

Ik hoop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.

Met vriendelijke groet,

Wiebe Wieling
Voorzitter KFPS