Slokdarmverstopping

Er is geen echte behandeling voor een megaoesophagus, er kan alleen maar ondersteunend gehandeld worden (Foto: iStock)

’s Avonds net na het eten werd dierenarts Ids de Boer van Dierenkliniek Emmeloord gebeld over een veertienjarige Friese merrie die niet wilde eten, heftig stond te hoesten en bij wie allemaal viezigheid vanuit de neusgaten kwam. Het paard was net een uurtje binnen vanaf de wei en had brok en kuil in de stal gekregen. De eigenaren waren erg ongerust, dus afgesproken dat hij direct hun kant op kwam. Op basis van het verhaal vermoedde Ids een slokdarmverstopping en daarom adviseerde hij om even geen eten en drinken aan te bieden.

Sonderen

Binnen een half uur was Ids de Boer op locatie en stond het paard er nog redelijk vergelijkbaar bij. De viezigheid die uit beide neusgaten kwam, bleek inderdaad voer en speeksel te zijn wat typisch is bij een slokdarmverstopping. Ids zegt: ‘Nadat de medicatie ingewerkt was, ben ik het paard gaan sonderen. Bij het sonderen gaan we met een slang via de neusgang, door de keel de slokdarm in. De verstopping was redelijk hardnekkig, pas na anderhalf uur spoelen was de verstopping eruit en kon ik met de sonde tot in de maag komen’.

Endoscopisch onderzoek

Om hier duidelijkheid over de oorzaak van de verstopping te krijgen had Ids met de eigenaren besproken om een endoscopisch onderzoek uit te gaan voeren: ‘Dan kunnen we met een lange slang waarop aan het einde een camera zit, kijken hoe de slokdarm en de maag er inwendig uitzien. Bij de scopie bleek dit paard een megaoesophagus te hebben; een verwijd en minder beweeglijk deel van de slokdarm’. Doordat de slokdarm verwijd is en minder goed het voedsel richting de maag masseert, kan het voer en speeksel zich ophopen en leiden tot een daadwerkelijke verstopping van de slokdarm.

Megaoesophagus

Een megaoesophagus is een afwijking die voornamelijk bij Friese paarden gezien wordt. Helaas is niet precies bekend hoe en waardoor het ontstaat. Vanuit wetenschappelijk onderzoek wat wel gedaan is, vermoedt men dat het een erfelijke neuromusculaire aandoening is, oftewel een probleem in de aansturing en functie van de spier rondom het verwijde deel van de slokdarm. Helaas is er geen echte behandeling voor een megaoesophagus, er kan alleen maar ondersteunend gehandeld worden om de kans op een slokdarmverstopping te verkleinen. De eigenaren van de veertienjarige merrie hebben onze adviezen opgevolgd en de merrie heeft tot op heden geen slokdarmverstopping meer gehad. De verwijding in de slokdarm blijft echter aanwezig, iets waar de eigenaren blijvend rekening mee moeten houden.

Lees het volledige praktijkverhaal van drs. Ids de Boer en de managementadviezen bij een megaoesophagus in Phryso augustus