Westnijlvirus aangekomen in Nederland

Het zal de meeste paardeneigenaren niet zijn ontgaan: afgelopen week werd door de RIVM bekend gemaakt dat in de regio Utrecht een vogel positief is getest op het westnijlvirus. De geteste grasmus heeft het virus opgelopen door de beet van een besmette mug. En dat is reden tot zorg: geïnfecteerde muggen kunnen het westnijlvirus ook overbrengen op paarden.

Overgedragen door muggen

Deskundigen hadden al de verwachting dat het westnijlvirus in Nederland zou opduiken omdat de afgelopen jaren het virus ook is geconstateerd bij vogels en paarden in Duitsland en Frankrijk. Het westnijlvirus wordt niet direct van paard naar paard, van vogel naar paard, of van paard naar mens overgedragen. De aandoening kan alleen door muggen worden overgedragen of door direct bloed-bloedcontact zoals bij een bloedtransfusie.

Symptomen

Verreweg de meeste paarden zullen geen of hele milde klachten krijgen na besmetting met het westnijlvirus. Drie tot vijftien dagen na de besmetting kunnen verschijnselen als koorts, sloomheid en verminderde eetlust optreden. Een klein deel van de geïnfecteerde paarden kan lichte tot ernstige neurologische symptomen ontwikkelen, van spiertrillingen tot ataxie. Een besmet paard moet het virus uitzieken, een dierenarts kan eventueel ondersteunen met ontstekingsremmers en infuus met vloeistoffen en voeding.

Vaccineren

Paarden kunnen ingeënt worden tegen het westnijlvirus. De enting bestaat uit twee basisvaccinaties met een tussenperiode van drie tot vijf weken. Twee tot drie weken na de tweede vaccinatie is het paard goed beschermd. Om te zorgen dat paarden voor het losbarsten van het muggenseizoen in de zomer volledig ingeënt en beschermd zijn, is het verstandig om in het vroege voorjaar, maart/april, met vaccineren te beginnen. De vaccinatie dient vervolgens jaarlijks herhaald te worden.

Voorkom muggenbeten

Daarnaast is het goed zoveel mogelijk te voorkomen dat paarden door muggen worden gebeten, bijvoorbeeld door paarden te voorzien van vliegendekens of door ze in de ochtend- en avondschemering, als de muggen het actiefst zijn, op stal te zetten. Muggen leggen eitjes in stilstaand water, ververs het water van de drinkbakken en in emmers dus regelmatig en ruim stilstaand water in bijvoorbeeld dakgoten op.

Klik hier door voor meer informatie van de GD over het westnijlvirus

Klik hier door voor meer informatie van de Universiteit Utrecht over het westnijlvirus